C.O. Jellema

C.O. Jellema (Groningen, 1936-2003) studeerde theologie, Duits en filosofie en doceerde Duitse literatuur in Groningen. Later bewoonde hij een oude notariswoning op het Groninger Hogeland, met een paradijselijke tuin waar hij veel over schreef. Zijn gedichten werden bekroond met de Herman Gorterprijs en de Hendrik de Vriesprijs. In 1997 werd zijn volledige werk bekroond met de A. Roland Holstpenning. In 1999 verzorgde Jellema een vertaling van de traktaten van Meister Eckhart: Over god wil ik zwijgen, in 2001 gevolgd door een vertaling van Eckharts preken. In Oefeningen bij een beek (2000) verzamelde hij verspreid gepubliceerde opstellen over onder meer Heine, Rilke, Trakl, Achterberg en Faverey. De bundels Droomtijd (1999) en Stemtest (2003), werden genomineerd voor de VSB Po√ęzieprijs.

Klein Gloria en andere gedichten(1961)

Tijdverblijf (1971)

Een eng cocon (1975)

De schaar van het vergeten (1981)

De toren van Snelson (1983)

Door eenen spiegel (1984)

In de koude voorjaarsnacht (1986)

Het bodemloze (1987)

Een web van dromen. Dagboek 1960-2002

Een slaande hoef (1988)

Opdrachten (1988)

Ongeroepen (1991)

Gedichten, oden, sonnetten (1992)

Aangaande Hölderlin (1995)

Spolia (1996)

Drie haren van goud (1998)

Droomtijd (1999)

Meister Eckhart, Over god wil ik zwijgen. De traktaten (1999)

Oefeningen bij een beek (2000)

Meister Eckhart, Over god wil ik zwijgen. De preken (2001)

Hetzelfde anders. C.O. Jellema vertaalt (2002)

Hetzelfde anders. C.O. Jellema vertaald (2002)

Stemtest (2003)

Bosvijver. Nieuwe gedichten (2004)

Heinrich Seuse/Johannes Tauler, Het boek van de waarheid/Preken (2004)

Verzameld werk. Gedichten (2005)

Verzameld werk. Essays (2005)

Een web van dromen. Dagboek 1960-2002 (2009)