Kijker, Kerk en kosmos

Galileo Galilei’s ‘Bericht van de sterren’ en ‘Brief aan groothertogin Christina’

Galileo Galilei

In 1608 toonde de Middelburger Hans Lipperhey zijn eerste, zelfgemaakte
telescoop aan Prins Maurits. In Italië hoorde Galilei hiervan.
Hij maakte een verbeterde versie van het apparaat en richtte
die op de maan en de sterren. Wat hij zag schreef hij op in de Sidereus
nuncius
(‘Bericht van de sterren’), een boekje vol bewijzen voor
de juistheid van Copernicus’ heliocentrische model. De inhoud
was explosief, want in tegenspraak met een aantal Bijbelpassages.
Om te voorkomen dat de leer van Copernicus verboden zou worden,
sprong Galilei in 1616 voor hem op de bres met zijn
Brief aan
groothertogin Christina. De wereld zag er, acht jaar na Lipperhey’s
ontdekking, totaal anders uit.
Galilei’s Sidereus nuncius en zijn Brief aan groothertogin Christina
waren bestemd voor een algemeen publiek, en zijn dan ook
uitstekend leesbaar. Ze zijn nu na vierhonderd jaar voor het eerst in
het Nederlands vertaald.

Quotes:
'Bericht van de sterren is voor het eerst in het Nederlands vertaald en van vakkundig commentaar voorzien. Raar is dat, want het historisch belang van dat boekje is fenomenaal. […] Agricola, Van Helden en Van Impe plaatsen Bericht van de sterren op voorbeeldige wijze in zijn historische context en lossen daarbij ook een paar mysterieuze zaken op. […] De drie bezorgers van Kijker, Kerk en kosmos hebben ook oog voor de persoonlijkheid van Galilei, waardoor hij uit dit boek naar voren komt als een al te menselijke mens.' De Morgen - Marnix Verplancke ****