Liefdevolle rivaliteit

De correspondentie. Ingeleid en geannoteerd door Nop Maas

Doeschka Meijsing & Geerten Meijsing

‘Lieve Geerten, op de vooravond van je vertrek naar Italië, even van mij een afscheidsgroet. Ik vind dat het wel een beetje droevig met je gaat. Maar misschien zien wij elkaar in Lucca vaker dan in Nederland. Je zult daar in ieder geval schrijven en dat is benijdenswaardig.’ Het is september 1979. Geerten Meijsing staat op het punt zich in het buitenland te vestigen en Doeschka Meijsing, die dan bij Vrij Nederland werkt, ziet haar broer met lede ogen vertrekken. Omdat ze zeer op hem gesteld is, maar ook omdat ze er zelf niet aan toekomt aan een roman te beginnen. Sinds het moment waarop ze debuteerden, zijn ze in de letteren elkaars concurrent geweest. En nu krijgt hij, daar in Italië, de tijd aan zichzelf.
In Liefdevolle rivaliteit zijn de brieven opgenomen die Geerten Meijsing en Doeschka Meijsing vanaf 1979 aan elkaar schreven. Nop Maas, die eerder onder meer de dagboeken van Hanny Michaelis en correspondenties van Gerard Reve en Geert van Oorschot bezorgde, annoteert de brieven en leidt ze in.